Indicatie & Begeleiding

Aanvraag 1e indicatie

Stoornissen cluster 4

Binnen de regelgeving om in aanmerking te komen voor een cluster 4-indicatie onderscheidt men een groot aantal gedragsstoornissen. Deze gedragsstoornissen kunnen ingedeeld worden in een tweetal catergorieen.
Enerzijds zijn er de de niet stabiele stoornissen, anderzijds de evident stabiele stoornissen.

Een voorbeeld van een niet stabiele stoornis is ADHD. Een diagnose ADHD is twee jaar lang geldig voor het verkrijgen van een cluster 4-beschikking. Na twee jaar dient er een nieuw onderzoek te worden uitgevoerd. Er dient hiervan een nieuw onderzoeksverslag te worden geschreven waarin de diagnose opnieuw wordt gesteld. 

Autisme is een evident stabiele stoornis. Het verslag van een dergelijke diagnose kent een geldigheidstermijn van twee jaar. Na twee jaar dient de diagnose herbevestigd te worden door tenminste een psycholoog of orthopedagoog, op basis van minimaal één onderzoeksinstrument. Hiervoor kan een verklaring 'evident stabiel kindkenmerk' (VESK) worden gebruikt. Het format van de verklaring evident stabiel kindkenmerk kunt u hier downloaden.

Hieronder vindt u alle stoornissen terug die men binnen cluster 4 onderscheidt.

Niet stabiele stoornis


- Aandachtstekortstoornissen en gedragstoornissen:

  • 314       ADHD of ADD
  • 313.81  Oppositioneel-opstandige gedragsstoornis
  • 314.9    Conduct Disorder

- Depressieve stoornissen:

  • 296     Depressieve stoornis
  • 300.4   Dysthyme stoornis

- Angststoornissen:

  • 300.01   Paniekstoornis
  • 300.12   Agorafobie
  • 300.29   Specifieke fobie
  • 300.23   Sociale fobie
  • 300.3    Obsessieve-compulsieve stoornis
  • 309.81   PTSS = Posttraumatische stressstoornis
  • 308.3    Acute stressstoornis
  • 300.02   Gegeneraliseerde angststoornis

- Stoornissen op zuigelingenleeftijd, kinderleeftijd of in de adolescentie:

  • 313.23  Selectief mutisme
  • 309.21  Seperatie angststoornis
  • 313.89  Reactieve hechtingsstoornis

- Ticstoornissen:

  •  307.23 Stoornis van Gilles de la Tourette

- Somatoforme stoornissen:

  • 300.81 Somatisatie stoornis

- Eetstoornissen:

  • 307.1 Anorexia nervosa
  • 307.51 Boulimia nervosa

- Aanpassingsstoornissen

- Persoonlijkheidsstoornissen:

  • 301.00 Paranoïde persoonlijkheidsstoornis
  • 301.20 Schizoïde persoonlijkheidsstoornis
  • 301.7 Antisociale persoonlijkheidsstoornis
  • 301.83 Borderline persoonlijkheidsstoornis

Evident stabiele stoornis


- Pervasieve ontwikkelingsstoornis:

  • 299.00 Autistische stoornis
  • 299.10 Desintegratiestoornis van de kinderleeftijd
  • 299.80 PDD-NOS = Pervasive Devolpment Disorder - Not otherwise Specified
  • 299.80 Stoornis van Asperger
  • 299.80 Stoornis van Rett

Niet alle DSM-IV-stoornissen zijn hier genoemd. Bij onduidelijkheid of twijfel neem dan contact op met REC Chiron.

Een stoornis mag worden vastgesteld door:
- (Kinder- en jeugd)psychiater.
- GZ-psycholoog.
- Klinisch psycholoog BIG geregistreerd.
- Kinder- of Jeugdpsycholoog NIP geregistreerd.
- Orthopedagoog-generalist.
De herbevestiging van een stoornis binnen het autisme spectrum mag ook worden opgesteld door een psycholoog of orthopedagoog.