Aanvraag Indicatie cluster 4
Algemeen
Regionale Expertise Centra (REC)
Een REC is een samenwerkingsverband van (voortgezet) speciale onderwijsscholen oftewel (V)SO-scholen in een regio. In elke regio vindt u verschillende Regionaal Expertise Centra. Voor elke cluster van aandoeningen geldt een aparte regio-indeling.
In deze REC's wordt de kennis en deskundigheid van de (voortgezet) speciaal onderwijsscholen in de regio gebundeld.
De REC's zijn evenals de (V)SO-scholen onderverdeeld naar onderwijscluster:
Cluster 1: voor kinderen met visuele beperkingen;
Cluster 2: voor kinderen met communicatieve beperkingen (gehoor-, taal- en/of spraakproblemen);
Cluster 3: voor kinderen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking, kinderen die langdurig ziek zijn en kinderen met epilepsie;
Cluster 4: voor kinderen met psychiatrische - of gedragsstoornissen.
- op verzoek van ouders ondersteuning bieden bij een indicatieaanvraag;
- op verzoek van ouders ondersteuning bieden bij het zoeken naar een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs of een reguliere school;
- inrichten en in stand houden van een onafhankelijke Commissie voor de Indicatiestelling (CvI);
- coördineren van ambulante begeleiding;
- coördineren van onderzoeksactiviteiten door scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs in de regio.
Vaak is de stap om een indicatie aan te vragen voor cluster 4 niet makkelijk. Met diverse personen en instellingen kunt u overleggen of het aanvragen van een indicatie voor cluster 4 voor uw kind mogelijk en wenselijk is. De school waarop uw kind nu zit kan hierbij een belangrijke rol spelen.
Aanvraag
Na de oriëntatie kunt u besluiten om een aanvraag voor een indicatie cluster 4 te doen.
De aanvraagprocedure begint met het invullen van een aanvraagformulier. Dit formulier kunt u downloaden vanaf deze website of aanvragen bij het CAIP.
- een psychodiagnostisch onderzoeksverslag (hierin wordt beschreven welke gedragsproblemen en/of psychiatrische problemen uw kind heeft). Het rapport mag niet ouder zijn dan twee jaar;
- informatie over de thuis- en/of vrije tijdsituatie, niet ouder dan twee jaar;
- een rapportage over de hulpverlening. Deze hulpverlening heeft plaatsgevonden in de thuissituatie (bijvoorbeeld van Bureau Jeugdzorg of instelling voor Geestelijke Gezondheidszorg -GGZ-instelling-);
- een onderwijskundig rapport of een voorschoolse rapportage (dit rapport mag niet ouder zijn dan zes maanden). En een onderbouwing van dit rapport middels een psychologisch onderzoek (dit onderzoek mag niet ouder zijn dan een jaar);
- handelingsplannen met betrekking tot het probleemgedrag die het afgelopen half jaar door school zijn ingezet en een verklaring van een bovenschoolse zorgcommissie.
Ouders/verzorgers zijn verantwoordelijk voor het indienen van een compleet dossier. Soms beschikt u (nog) niet over alle noodzakelijke gegevens. En soms zal de bureaucratische stapel papieren die u moet inleveren u even teveel worden. U kunt de trajectbegeleiders van het CAIP van het REC verzoeken om u te ondersteunen.
Samen met de trajectbegeleider overlegt u op welke manier u de benodigde informatie voor het dossier kunt verzamelen. In eerste instantie zorgt u voor het aanleveren van de diverse (onderzoeks)verslagen. In sommige gevallen is aanvullend onderzoek nodig.
Op het moment dat het dossier alle gegevens bevat die nodig zijn voor een indicatie, wordt het dossier door de trajectbegeleiders naar de Commissie voor de Indicatiestelling (CvI) gestuurd.
Indicatiestelling
Voor een indicatie voor cluster 4 gelden de volgende vijf criteria:
- Een vastgestelde gedragsstoornis of geïndiceerde hulpverlening langer dan een half jaar zonder positief effect;
- en sociaal-emotionele problemen of gedragsproblemen die het gevolg zijn van deze stoornis, die zowel op school als thuis of in de vrije tijd voorkomen;
- en de jeugdhulpverlening is bij deze problemen betrokken (geweest);
- en door deze problemen zijn er belemmeringen in het onderwijs;
- en er is sprake van ontoereikende zorg op de school.
Wettelijk heeft de CvI acht weken de tijd om een beslissing over het dossier te nemen. Deze termijn gaat in op het moment dat het dossier volledig is. Mocht de CvI er niet in slagen om het dossier binnen acht weken te bespreken, dan kan volgens de wet de procedure met acht weken worden verlengd.




